Het is nog koud buiten. Bomen staan stil, tuinen lijken slapend. Maar wie even stil blijft staan bij een oude nestkast, merkt het misschien: geritsel, een korte inspectie, felblauwe veertjes in de opening. Op het eerste gezicht gebeurt er weinig, tot je beseft dat precies nu, diep in februari, er iets op het spel staat voor de vogels in onze omgeving.
Vogels op huizenjacht in februari
De winter trekt zich nog niet terug, maar achter de schermen begint de jaarlijkse zoektocht. Kleine meesjes, roodborsten en mussen zijn al aan het verkennen. Ze turen naar mogelijke nestlocaties, checken of een holte veilig voelt, vergelijken waar het rustig en droog is. In steden en wijken zijn goede plekken schaars. Oude bomen met gaten? Vaak verdwenen. De nestkast doet dan dienst als schaarse woning die telkens opnieuw getest wordt.
De vergeten schoonmaak maakt het verschil
Tegen alle verwachtingen in gaat het niet alleen om het ophangen van een mooie nestkast. Wie goed om zich heen kijkt, ziet dat een vervuild nest risico's met zich meebrengt. Resten van vorig jaar bieden onderdak aan parasieten – vlooien, mijten, stille larven. Ze wachten in de zachte warmte, klaar om jonge kuikens te verzwakken zodra het broeden begint. De gevolgen: ziektes, misvormde jongen, zelfs sterfte. Eén simpele handeling maakt het verschil: schoonmaken, nu het nog kan.
Schoonmaken: meer dan een formaliteit
Eind januari tot februari is het juiste moment, voor de voorjaarsdrukte losbarst. Kies een droge dag, trek handschoenen aan, open de nestkast. Het oude nest, grijs en verfrommeld, moet helemaal weg. Niets laten liggen, nergens hergebruiken – alles ver en veilig afvoeren. Daarna volgt het grondige werk: borstelen, alle hoeken meenemen. Geen zeep, geen geurige sprays. Enkel heet water, zo schoon mogelijk. Drogen is essentieel, anders blijft het benauwd en vochtig binnen. Nog snel dichtmaken en weer ophangen, uiterlijk begin maart.
De juiste kast op de juiste plek
Een nestkast kiezen, dat lijkt kinderspel maar toch ligt het subtiel. De grootte van het gat bepaalt wie er naar binnen mag: kleinere openingen voor pimpelmezen, grotere voor koolmezen of mussen. Halfopen kasten trekken juist roodborstjes aan. Het materiaal doet er ook toe: ongeverfd, ruw, stevig hout is noodzakelijk. Geen plastic, geen felle kleuren. Hang de kast op een beschutte plek, niet in volle zon of aan de regenzijde. Twee tot drie meter hoog, licht voorover hellend. Stevig genoeg bevestigd zodat hij niet wiebelt in de wind. Takken in de buurt snoeien voorkomt kattenbezoek. Liefst ook niet té dicht bij het vogelvoer, dat geeft rust voor de ouders.
Kleine moeite, groot effect
Ouders, kinderen of nieuwsgierige voorbijgangers: allemaal kunnen ze straks iets meemaken in eigen tuin of op het balkon. Een schone nestkast geeft jonge vogels meer overlevingskans. En wie goed kijkt, zal beseffen: al dat gefladder brengt leven in huis. Vogels ruimen rupsen op, beperken plagen, maken van een gewone buitenplek een stukje natuur in de stad. De winter lijkt nog te heersen, maar voor sommige dieren telt nu elk uur.
Zo komen generaties na generaties toch weer veilig uit het ei. Zonder veel ophef, achter een klein deurtje in de tuin. Stille zorg levert het grootste verschil.