Een tuinpaadje glanst na een lichte regenbui. Wanneer u bukt om het onkruid te bekijken, kronkelt een regenworm traag door de vochtige aarde. Die aanblik roept waarschijnlijk herinneringen op aan vroeger, toen men geloofde dat zulke dieren enkel goed waren voor de tuin. Maar wie ouder wordt, herkent soms subtiele verschillen en vraagt zich af: zijn alle wormen echt zo onschuldig? Onder dat ogenschijnlijk rustige oppervlak schuilt meer dan men denkt – en niet alles is welkom in uw stukje groen.
Niet alle wormen zijn uw tuinvriend
Bij het omspitten komen vaak stevige, roodbruine regenwormen tevoorschijn. Deze bondgenoten graven diepe gangen en zorgen voor lucht in de bodem, iets wat wortels duidelijk waarderen. Een losse, kruimelige tuinaarde is meestal een teken dat deze beestjes goed hun werk doen. Toch zijn er momenten waarop de grond armer lijkt, ondanks al dat leven.
In werkelijkheid leeft er een hele gemeenschap onder onze voeten. Meer dan 5.500 soorten en talloze larven bevolken de bodem. Sommige soorten zijn bijna onzichtbaar, andere vallen juist op door hun kleur of beweging. De juiste waarneming, zoals het verschil tussen een rustige regenworm en een zenuwachtig slingerende indringer, maakt het verschil voor de vitaliteit van de tuin.
Herkennen: bondgenoot of ongenode gast?
Een vertrouwde tuinregenworm heeft een zacht, ringvormig lijf en laat kleine hoopjes donkere aarde achter, de zogenaamde turricules. Rode compostwormen kruipen graag door bladeren en versnellen het natuurlijke afbraakproces. Beide zorgen voor vruchtbare aarde en een gezonde structuur onder de graszoden.
Plotseling kan er echter iets veranderen. Aziatische springwormen, met hun opvallende, glanzende huid en intense kronkels, lijken op het eerste gezicht onschuldig. Maar ze eten razendsnel organisch materiaal op, waardoor de grond losser wordt en voedingsstoffen verdwijnen. Ook vindt men soms hamerwormen: platte, slijmerige dieren met een brede kop die andere nuttige wormen opeten en zich zelfs uit stukjes herstellen. Opletten wanneer u iets ongewoons aantreft, is dus geen overbodige luxe.
Uw rol in het behoud van evenwicht
Een stukje afgevallen blad laten liggen of de aarde minimaal bewerken: dat helpt de goede regenwormen op weg. Het vermijden van bestrijdingsmiddelen en een mulchlaag op de bedden zorgen voor gunstige omstandigheden. Zo wordt de bodem geleidelijk stabieler, krijgt het water minder de kans om weg te spoelen en vraagt het gazon minder vaak om water.
Toch vraagt waakzaamheid om ongewenste gasten niet te laten overheersen. Witte of grijze “nep-wormen” kunnen namelijk de wortels beschadigen en zo planten verzwakken. Regelmatig de aarde inspecteren en verdachte dieren handmatig verwijderen, verkleint het risico zonder de natuur uit balans te brengen. Soms is het slim om foto's te maken of raad te vragen bij kenners in de buurt, zeker als er twijfel is bij de herkenning.
Een voortdurende wisselwerking onder het oppervlak
De rijkdom van het bodemleven blijkt elke dag weer, vooral wanneer u zich verwondert over kleine veranderingen in de tuin. Voor wie aandachtig observeert – en bereid is nieuwkomers te leren herkennen – blijft de tuin gezond én boeiend. Niet alle wormen verdienen dezelfde gastvrijheid, maar het is precies deze afweging die het leven in en boven de grond in goede banen leidt.